Aanmelding door de zorgcoördinator
Een voorwaarde voor het bespreken in het multidisciplinair team is dat de leerling is besproken in de ZAT-vergadering. Een leerling kan aangemeld worden voor plaatsing maar er is ook de mogelijkheid om advies te vragen over de leerling in het multidisciplinair team.
Aanmelding kan verricht worden via het portaal van LDOS, onder het kopje Ondersteuningscentrum. Voor de aanmelding is een actueel OPP benodigd.

Bespreking in het multidisciplinair team
Als deze zaken in het bezit zijn dan wordt de leerling besproken in de vergadering op de dinsdagmiddag vanaf 14.30 uur. De volgende disciplines zijn hierbij aanwezig: de coördinatoren, regulier docent, VSO-docent, en een psycholoog/orthopedagoog. Het is mogelijk om bij de vergadering aanwezig te zijn om de leerling toe te lichten of telefonisch benaderd te worden tijdens deze vergadering.
Het multidisciplinair team komt met een advies, dit kan zijn dat de leerling geplaatst gaat worden in de klas van het ondersteuningscentrum. De mentor is na plaatsing de contactpersoon. Hij/zij verzorgt de benodigde studiewijzers en is verantwoordelijk voor het leveren van de toetsen/overhoringen etc. Extra informatie onder het kopje mentor.

Intake Ondersteuningscentrum
Indien in het multidisciplinair overleg samen met de school besloten wordt dat de leerling geplaatst kan worden in het ondersteuningscentrum, wordt er een intake gepland.
De intake vindt plaats bij het samenwerkingsverband in Geldermalsen met een medewerker van het ondersteuningscentrum, de leerling en de ouders/verzorgers. Er wordt een toezegging van ouder(s) en/of verzorger(s) verwacht om medewerking te verlenen voor inzage van dossiers bij scholen en/of externe hulpverlening en indien nodig voor het afnemen van testen voor psychologisch onderzoek.

Beginperiode (vier weken)
In de periode wordt de leerling sociaal-emotioneel en didactisch geobserveerd. Er wordt vastgesteld of er psychologische onderzoeken/testen moeten worden afgenomen. Na vier weken is het verdere traject voor de leerling, school en Rebound duidelijk. Deze periode wordt afgesloten met een beginevaluatie. Wanneer echter uit het gedrag van de leerling blijkt dat het ondersteuningscentrum toch niet de juiste omgeving voor hem of haar blijkt te zijn is deze genoodzaakt de leerling terug te plaatsen op de school van inschrijving of gaat deze samen met de school van herkomst zoeken naar de beste plek voor de leerling om zijn/haar onderwijscarrière te vervolgen.

Tussenperiode (vier weken)
In de periode is er ruimte voor individuele groei van de leerlingen. Eventueel worden er in deze periode nog testen afgenomen. Het traject voor terugplaatsing wordt ingezet. Het ondersteuningscentrum evalueert samen met de school over de vormgeving. Met de school wordt een handelingsplan opgesteld. Deze periode wordt afgesloten met een tussenevaluatie.

Eindperiode (vier weken)
In deze periode is er meer ruimte voor de groepsgroei van de leerlingen. Wat betekent het gedrag van de individuele leerlingen in een groep? Door middel van spiegelen willen we het zelf-reflecterend vermogen van de leerlingen vergroten om hen beter bewust te maken van het eigen handelen. Er wordt verder gewerkt met de school aan het traject van terugplaatsing. Per leerling wordt bekeken in welke mate ze na acht weken gefaseerd terugstromen naar de school van herkomst. In deze periode kan er een presentatie worden gehouden door de medewerkers van het ondersteuningscentrum aan de lesgevende docenten van de leerling. Deze periode wordt afgesloten met de eindevaluatie.

Nazorg
Na deze periode houdt de leerling recht op nazorg gedurende drie maanden. Dit kan zijn door een dag in de week terug te komen in het ondersteuningscentrum of door gesprekken met een medewerker van het ondersteuningscentrum op de school van inschrijving.

Evaluaties
Elke periode wordt afgesloten met een evaluatie. Deze vindt plaats bij het ondersteuningscentrum in Geldermalsen. Hierbij zijn de zorg coördinator/mentor/teamleider, ouders/verzorger, medewerker van het ondersteuningscentrum en eventuele externe hulpverlening aanwezig.
Extra informatie voor de mentor na plaatsing van de leerling.
Via de aanmelding van de zorgcoördinator is uw mentorleerling bij ons geplaatst. Dit betekent dat de leerling geobserveerd gaat worden, dat er diagnostische gesprekken plaats gaan vinden en onderzoeken worden afgenomen en er Tops! aangeboden wordt om de nodige hulpvragen aan de oppervlakte te krijgen. De leerling volgt daarbij twaalf weken bij ons onderwijs. Het is voor de leerling een grote stap om uit zijn vertrouwde omgeving gehaald te worden en in de klas van het ondersteuningscentrum geplaatst te worden. De mentor is hierbij een belangrijke schakel om contact te houden met de school van herkomst. Het zou erg fijn zijn als de mentor een bezoek kan brengen. Dit wordt door de leerlingen en de collega’s erg gewaardeerd! Om de samenwerking zo goed mogelijk te laten verlopen hebben we een paar belangrijke zaken op een rij gezet. Als mentor van de geplaatste leerling bent u medeverantwoordelijk voor de voortgang van zijn/haar onderwijsproces.

Taken van de mentor:
1. De mentor is het aanspreekpunt en contactpersoon voor de leerling die is geplaatst.
2. De mentor is verantwoordelijk voor het verzamelen en aanleveren van toetsen, opdrachten en overhoringen (bij voorkeur digitaal naar [email protected]).
3. De mentor draagt zorg voor de aanlevering van de recente studiewijzers en meldt veranderingen zo spoedig mogelijk.
4. Het team van het ondersteuningscentrum maakt een toetsplanning voor de leerlingen. Het is mogelijk dat de toetsen later geleverd worden naar de school van inschrijving , namelijk door:
Onderzoek en/of testafname en/of behandeling van de jeugdige
Het profiel van de jeugdige. Dit kan betekenen dat het kind even niet toe is aan schoolse taken, wat kan wijzen op kenmerken van faalangst, herbeleving van een trauma en ander wel of niet gediagnosticeerde angsten.
5. De mentor en/of de zorgcoördinator is gesprekspartner tijdens de evaluatiegesprekken bij de afsluiting van elke periode.
6. De gemaakte toetsen gaan elke donderdag retour naar de mentor. Deze is verantwoordelijk om dit weer te verspreiden onder de vakdocenten.

Bij terugplaatsing draagt de mentor zorg voor het inlichten van het docententeam. Tijdens de docentenvergadering zal een medewerker van het ondersteuningscentrum, samen met u, het handelingsplan mondeling toelichten.